Eerder dit jaar nam de gemeenteraad ons amendement over de oostelijke ontsluiting van Tuitjenhorn aan. Inmiddels heeft het college laten weten hoe hier een vervolg aan wordt gegeven. Bij deze raadsinformatie kregen we ook het verkeersonderzoek dat aan de gebiedsvisie ten grondslag ligt. Dat geeft nu meer inzicht in wat destijds precies is onderzocht.
Het onderzoek laat zien dat er duidelijke aandachtspunten zijn. Bij de Kalverdijk en Koorndijk worden onder andere de snelheid, het gemengde verkeer en een verkeersintensiteit die niet past bij de functie van de weg als knelpunten genoemd. De Kalverdijk is ingericht als fietsstraat, maar volgens het onderzoek heeft dat niet geleid tot duidelijk minder autoverkeer of een lagere snelheid. De route richting de N245 blijft aantrekkelijk.
En daar zit voor ons precies de kern. De Kalverdijk/Koorndijk en Sportlaan/Kerkbuurt zijn niet alleen wegen waar mensen wonen, maar worden ook gebruikt voor de ontsluiting van Tuitjenhorn. Kunnen we die twee functies op termijn beter van elkaar scheiden en daarmee de leefbaarheid verbeteren?
Daarbij hebben wij niet één oplossing voor ogen. Het kan gaan om aanpassingen aan de bestaande wegen, maar misschien is er op termijn een andere ontsluiting nodig. Juist omdat de gebiedsvisie vooruitkijkt naar 2040, willen we die mogelijkheden niet nu al uitsluiten.
Een opvallend detail in het onderzoek is dat een nieuwe verbinding tussen De Dijken en de Dergmeerweg volgens het verkeersmodel slechts ongeveer 100 verkeersbewegingen per dag zou krijgen, terwijl op de wegen eromheen veel meer verkeer rijdt. Dat roept bij ons nog wel de vraag op hoe deze uitkomst precies tot stand komt.
Vervolg in 2027
Het college geeft aan dat de ervaren verkeersdrukte, verkeershinder en verkeersonveiligheid nog onvoldoende zijn meegewogen. Daarom worden de ervaringen van aanwonenden opgehaald en wordt gekeken naar bestaande én mogelijke nieuwe maatregelen. Dit moet in het tweede kwartaal van 2027 leiden tot een maatregelenplan.
Dat is een goede volgende stap. Voor ons is wel belangrijk dat het vervolg niet alleen neerkomt op een aantal losse maatregelen op de bestaande wegen. Ook die moeten worden bekeken, maar uiteindelijk gaat het om de bredere vraag hoe we deze wegen op langere termijn willen gebruiken.
De gebiedsvisie kijkt tenslotte vooruit naar 2040. Laten we dan ook de ruimte houden om verder vooruit te kijken.




